LexemicaDutch course

Dutch · word

is

is

/ɪs/auxiliary

Meanings

  • auxiliary · A1

    Vorm van het werkwoord 'zijn' die het onderwerp verbindt met een toestand, eigenschap, prijs of identiteit.

    Het weer is vandaag heel mooi.

  • auxiliary · A2

    Hulpwerkwoord dat samen met een voltooid deelwoord de voltooide tijd vormt bij werkwoorden van beweging of verandering.

    Mijn broer is gisteren naar Amsterdam verhuisd.

Appears in 58 scenarios

Start speaking today

Free, no card needed. On the web or in the app.

Get the app