LexemicaDutch course

Dutch · word

tien

ten

/tin/number

Meanings

  • number · A1

    Het getal tussen negen en elf; 10.

    Er zitten tien mensen in de bus.

  • noun · A2

    Het cijfer 10, vooral als het hoogste cijfer op school.

    Zij haalde een tien voor haar toets.

Appears in 4 scenarios

Start speaking today

Free, no card needed. On the web or in the app.

Get the app