Dutch · word
warm
hot
/ʋɑrm/adjective
Meanings
- adjective · A1
Met een vrij hoge of aangename temperatuur, niet koud.
In de zomer is het hier altijd lekker warm.
- adjective · B1
Vriendelijk, hartelijk en vol genegenheid.
Zij gaf haar gasten een warm welkom.
- verb · A2
Iets warmer maken of zelf warmte opnemen.
Ik warm de soep even op in de magnetron.
Appears in 1 scenario
From the same conversation
Start speaking today
Free, no card needed. On the web or in the app.
