Dutch · word
spreekt
speaks
/spreːkt/verb
Meanings
- verb · A1
Met je stem woorden zeggen of een taal kunnen gebruiken.
Zij spreekt heel goed Nederlands en Frans.
- verb · B1
Een toespraak houden voor een publiek.
De directeur spreekt vanmiddag voor een grote zaal.
Appears in 1 scenario
From the same conversation
Start speaking today
Free, no card needed. On the web or in the app.
