LexemicaDutch course

Dutch · word

soep

soup

/sup/noun

Meanings

  • noun · A1

    Een vloeibaar gerecht gemaakt van water of bouillon met groenten, vlees of vis.

    Zij maakt vandaag een lekkere pan soep.

  • noun · B2

    Een situatie waarin alles misgaat of een grote wanorde ontstaat.

    Door alle vertragingen liep de hele planning in de soep.

Appears in 2 scenarios

Start speaking today

Free, no card needed. On the web or in the app.

Get the app