LexemicaDutch course

Dutch · word

vlees

meat

/vleːs/noun

Meanings

  • noun · A1

    Eten dat van het lichaam van een dier komt.

    Ik eet liever vis dan vlees.

  • noun · B2

    Het zachte weefsel van het lichaam van een mens of dier, onder de huid.

    De doorn zat diep in zijn vlees.

Appears in 2 scenarios

Start speaking today

Free, no card needed. On the web or in the app.

Get the app